Skip to main content
XS SM MD LG XL

In Het Bureau van J.J. Voskuil schetst de schrijver een mistroostig beeld van de loopbaan van zijn personage Maarten Koning

Maarten werkt in een groot kantoor aan de Keizersgracht

Op een afdeling (Volkscultuur) met weinig aanzien,

In een baan zonder echt perspectief.

Hopeloos dus.

 

Een intrigerende roman in 7 delen, die mijn ouders in de jaren negentig verslonden.

Waar Kurt Cobain voor mij de jaren negentig belichaamt.

Is het voor mijn vader Maarten Koning, weet ik zeker.

Het werk is fictie, maar wel gebaseerd op de persoonlijke ervaringen van de schrijver bij het Meertens Instituut,

Waar de auteur werkte op (jawel)

De afdeling Volkscultuur.

Zelfs de personages lijken erg op mensen met wie hij ook daadwerkelijk samenwerkte.

 

Er is een intrigerende link tussen de op feiten gebaseerde fictie van Voskuil

En het opleiden van stagiairs.

 

Die link zit ‘m in de verbinding tussen de fictieve personages in het boek

en de echte mensen op het Meertens instituut.

 

Inclusiviteit en diversiteit zijn een hot item.

Diversiteit is pas een probleem als het ontbreekt voor deze generatie.

Maar wat is dat eigenlijk?

Diversiteit in wat?

 

In onze werkzame levens nemen wij allemaal verschillende rollen aan.

We spelen diverse personages; thuis zijn we iemand anders dan op kantoor, of in de werkplaats.

En online zijn we weer iemand anders; al dan niet opgeleukt met een instagramfiltertje of twee.

 

Tijdens ons leven maken wij dus net als Voskuil verschillende personages van onszelf.

Personages die in de basis bij onszelf beginnen, maar onderling verschillen.

In dit perspectief heeft iemand die ‘zichzelf is’ niet 1 personage.

Integendeel.

Degene die het meest ‘zichzelf is’ heeft volgens mij de minste ruimte tussen de verschillende personages die iemand in zich heeft.

En degene die de meeste ruimte krijgt om die verschillende personages bij elkaar te laten komen, of elkaar soms te laten overlappen voelt zich het meest thuis in jouw bedrijf.

 

Als stagiairs altijd zichzelf mogen zijn.

Als jouw bedrijf inclusief is en openstaat voor iedereen.

Als jonge mensen ook behoefte hebben om ‘zichzelf’ te zijn.

Maar als je ook constateert dat we allemaal verschillende rollen spelen in ons leven.

Verschillende personages hebben dus….

Wat is dat dan? ‘Zichzelf’?

En wat is dan ‘inclusief beleid’?

 

Ik denk dat je het beste kunt vragen welk personage een stagiair moet zijn in jouw bedrijf.

En wat moet de stagiair achterlaten van de andere personages als deze binnenloopt?

Hoe dicht mag dat personage mag bij de andere personages van die stagiair liggen?

Mag je een tattoo laten zien?

Mag je je eigen kleding uitkiezen of niet?

Qua taalgebruik, hoe zit dat?

En qua geaardheid, politieke voorkeuren, huidskleur, gevoel voor humor…?

 

Het is de taak van de stagebegeleider om een stagiair ruimte te bieden.

Niet om ‘zichzelf’ te zijn als een volledig complete versie van ‘zichzelf’.

Zoiets bestaat niet.

Maar door te zorgen dat de stagiair het personage dat deze moet spelen zo dicht mogelijk bij de andere personages van die stagiair mag houden.

Op zo’n manier kan de stagiair meespelen in het rollenspel op kantoor, maar hoeft zij zich niet mentaal in allerlei bochten te wringen.

 

Ook stages aanbieden die niet wringen?

Check ons aanbod

 

Dank aan Dror Poleg voor de inspiratie voor dit inzicht.

Gratis stageboek preview ontvangen?