Skip to main content
XS SM MD LG XL

In haar meest recente boek ‘Werk heeft het gebouw verlaten’ schrijft antropoloog Jitske Kramer over het fenomeen ‘ liminaliteit; ook wel ‘het ondertussen’ genoemd. Jitske heeft het hier over een periode tussen een crisis en een oplossing; Het is de periode waarin zekerheden wegvallen (bijvoorbeeld door een pandemie) en je moet wennen aan iets nieuws. Het is een periode waarin je onzeker bent over wat gaat komen (de toekomst) en het liefste terug wil naar wat was (het verleden)

Een mooie omschrijving is ook wel ‘the no longer’ en de ‘not yet’.

Stages zijn welbeschouwd een liminale fase. Je komt als stagiair in een wereld die kennis en vaardigheden vraagt die je nog niet kent, waarin je dingen leert die je nog niet wist en waar je vaardigheden gaat ontwikkelen die je nog niet hebt.

Dit is in ieder geval de bedoeling. Iedere succesvolle stage heeft een liminale fase. Is die fase er niet? Dan kun je je afvragen of er iets geleerd is.

Het is jouw taak als begeleider om de stagiair te begeleiden door die onzekerheden heen. Stagiairs zullen graag terugwillen naar de veiligheid van hun bestaande kennis en vaardigheden; jij hebt de taak om hen te begeleiden naar die nieuwe situatie en onzekerheden op te zoeken. In die liminaliteit zoeken studenten naar houvast. Dit kun je ze geven door nieuwe kennis en vaardigheden te vertalen naar voor hen bekende beelden, woorden en concepten. De sociaal constructivist Vygotski noemt dit ‘de zone van naaste ontwikkeling’; het is het aanbieden van taken en vragen die de stagiair nog net niet kan. Hierover schreef ik eerder over als een lat die je niet direct hoog legt, maar langzaam ophoogt naarmate de stage vordert.

De liminale fase is niet comfortabel, maar wel noodzakelijk om te overbruggen.

Gratis stageboek preview ontvangen?